Geschiedenis
In het Reitdiepgebied, tussen Groningen en Winsum, ligt een magisch landschap. Het is groots, weids platteland met veel reliëf in de grond. Natuurreservaten met oud cultuurgrasland van de Stichting Het Groninger Landschap liggen er in een uitgestrekt weidegebied. Moderne veehouders wonen in eeuwenoude boerderijen. Hun koeien, paarden en schapen grazen in oude kronkelende rivierbeddingen en op opgeslibde oevers. Het reliëf laat zien hoe dit land is gevormd door de zee met haar getij. Toen de Hunze nog niet was vergraven tot het latere Reitdiep, lag ze als een getijdenrivier in een uitgestrekt kwelderlandschap. Het is nog geen vijfhonderd jaar geleden dat het hele gebied bij stormvloed onder water liep en de zee tot voorbij de stad Groningen het land in drong. Sloten en tochten die nu voor de afwatering zorgen, liggen in de meanderende beddingen van de slenken en prielen uit dit ‘zeeverleden’. Het getij tekende kromme lijnen in dit landschap. En de mensen kleurden het in. Vanaf de eerste bronstijdboeren tot aan de moderne bewoners heeft elke generatie zijn penseelstreken gezet: woonheuvels zoals de wierde van Wierum en die van Oostum met zijn middeleeuwse kerk, oude zeedijken waarvan die bij Hekkum een van de oudste is, het borgterrein van de jonker te Harssens, de ‘zijlen’ van Wetsinge en Oldenzijl en fraaie boerderijen in vruchtbaar grasland met vee en…. vogels.
Het Reitdiepgebied is altijd al een vogelland geweest: ‘s winters goudplevieren, smienten, zwanen en overvliegende ganzen, vanaf het voorjaar grutto, kievit, tureluur en scholekster.



